also includes a text of Herman van Bergeijk

Luiten, E. & N. Brand, ‘Randstad 2040 hinkt op twee gedachten’. In: Blauwe Kamer 5/2008, pp.18-19.
Prast, H., Steenbruggen, S. en L.Willekens (ed.), Raadhuizen een plandocumentatie, Nijmegen: SUN, 2007.
Boer, T. de & Leun, A. van der, Lay-out06, Oosterhout: GTV, 2008.
Duin, L. van, Cavallo, R., Engel, H.J. & Claessens, F.(ed.), ‘The Urban Project, Architectural Intervention in Urban Areas’, Amsterdam: IOS Press, 2009
Leen van Duin, Luc Willekens and Raf Dox, R.(ed.), Diktaat Gebouwenleer, Delft (University Press), 2009.
Roberto Cavallo, Railway in the urban context. An architectural discourse - PhD, TU Delft, 2008.
Uitgave: Stichting architectuurgids Delft, John Paul Smolders, Hans Couvee, Tineke Meerman Inhoudelijke redactie, beeldredactie, voorzitter selectiecommissie: Willemijn Wilms Floet. Tekstuele redactie: Trudy van der Wees

Om de betekenis van de Randstad te kunnen doorgronden en de positie in de internationale context te kunnen plaatsen, zal men terug moeten in de tijd. Dat is opvallend genoeg niet vaak gebeurd. Er is veel over de Randstad geschreven, vooral door planologen en economen, maar het historisch perspectief is meestal afwezig. Is de Randstad een metropool als London of een verzameling van losse stedelijke agglomeraties zonder duidelijk dominant centrum? Nederland neemt in Europa een bijzondere plaats in vanwege de positie van Holland en in het bijzonder de Randstad, dat zonder de dominantie van de drie Hollandse steden – Amsterdam, Den Haag en Rotterdam – ondenkbaar was. Een nummer over het ontstaan van de steden in Holland en hun relaties.
Onder redactie van Sjoerd Bijker, Paul van de Laar, Henk Laloli en Kim Zweerink
Met bijdragen van o.a.:
-Reinout Rutte: Stadswording in Holland (12de-14de eeuw). Ligging in het landschap en vroege ruimtelijke inrichting van de steden in het westen van Nederland
-Nikki Brand, De Randstad volgens de ranksize rule - acht eeuwen verstedelijking in het westen van Nederland
-Paul van de Laar en Kim Zweerink: De Randstad: een vreemde metropool
-Han Meyer: Delta-stedenbouw- een vak apart. Stadsvorming en waterbouw tussen conflict en consensus
-Vincent van Rossem: Het Westen des Lands
Sjoerd Bijker, Paul van de Laar , Henk Laloi and Kim Zweerink (ed.), Tijdschrift Holland. Themanummer Randstad, Hilversum (Uitgeverij Verloren), 3 (2009).

In OverHolland 6 is veel aandacht voor zeventiende-eeuwse Hollandse architectuur. Hoewel een historisch onderwerp, blijft deze fase cruciaal voor een goed begrip van de ontwikkeling van de Hollandse stad en haar architectonische opbouw. Het gaat daarbij niet zozeer om een historisch ontzag voor de cultureleerfe nis uit de Gouden Eeuw, maar vooral om de onontkoombare fysieke aanwezigheid van de ontwerp- en bouwproductie uit deze ontwikkelingsfase van de hedendaagse stad.
Esther Gramsbergen onderzoekt de transformatie van het Binnengasthuisterrein en de terreinen van de kloosters in Amsterdam na de Alteratie. Via onder meer typomorfologische studies wijst zij op de wisselwerking tussen de ontwikkeling van stedelijke instituties enerzijds en gebouwtypologische en gebiedsontwikkelingen anderzijds, tijdens welke de voor de Hollandse stad zo kenmerkende bebouwingsvorm van de 'hot' het daglicht zag.
De zeventiende-eeuwse Hollandse architectuur staat ook centraal in het artikel van Everhard Korthals Altes. In deze kunsthistorische beschouwing wordt de fysieke aanwezigheid van het gebouwde verleden in de schilder- en tekenkunst onder de loep genomen: de talrijke stadsgezichten, afbeeldingen van kerkinterieurs en de belangrijke openbare gebouwen van de Hollandse steden. Centraal staat de vraag naar het 'waarom' van dit motief van een schilderij of tekening, en of de stijl van de architectuur bij de keuze een ral speelde.
Daarnaast is er in deze OverHolland natuurlijk ook aandacht voor de twintigste en eenentwintigste eeuw. Zo komt in het artikel van Lara Schrijver de problematische verhouding tussen Rem Koolhaas en de Nederlandse architectuur aan de orde. Zij verdedigt de stelling dat, in tegenstelling tot de gang bare opvatting, architectonische vorm en compositie wei degelijk een centrale rol in het werk van Koolhaas spelen. Hiertoe wordt zijn werk geïnterpreteerd via de geschriften en het werk van O.M. Ungers, met wie Koolhaas in de jaren tussen 1968 en 1978 samenwerkt e. Deze samenwerking beïnvloedde Koolhaas diepgaand in de jaren dat hij als architect werd gevormd. Voorts worden in deze aflevering architectuurprojecten voor de spoorzone Delft gepresentee rd die genomineerd zijn voor de Zuid-Hollandse Vormgevingsprijs (ZHVP) 2007. Willemijn Wilms Floet bespreekt hiertoe plannen die in de masterstudio's Hybrid Buildings aan de TU Delft ontworpen zijn, waaronder het prijswinnende ontwerp van Luuk Stoltenberg en het ontwerp van Carien Akkermans, dat goed was voor de publieksprijs. In de rubriek Polemen ten slotte wordt een tweetal boeken over de zeventiende-eeuwse Hollandse architectuur bespraken. Herman van Bergeijk recenseert het boek van De Jonge en Ottenheym over de moeilijke relatie tussen architectuur in de Noordelijke en die in de Zuidelijke Nederlanden in de zestiende en zeventiende eeuw. Merlijn Hurx bespreekt de publicatie van Gerritsen over de rol van de architectuurtekening in de ontwerpen bouwpraktijk in de Nederlandse Republiek.
François Claessens and Henk Engel (ed.), OverHolland, Nijmegen (SUN), 2008.

Henk Engel (ed.), OverHolland, Nijmegen (SUN), 2011.
